MoestuinMix: resultaten

Welkom op de resultatenpagina! Hier kun je de resultaten van je deelname aan MoestuinMix doorgeven.

Resultaten uit je tuin opsturen

Bij je welkomspakket zitten papieren antwoordformulieren die je kunt meenemen naar je tuin en waarop je je bevindingen kunt noteren. Wij stellen het zeer op prijs als je de antwoorden van je papieren antwoordformulieren digitaal aan ons doorgeeft via de onderstaande online formulieren. Per stap is er een apart antwoordformulier.

Hieronder volgen binnenkort de digitale formulieren, zodra het experiment is gestart.


Zie ook de veelgestelde vragen onderaan deze pagina.


Niveaus van deelname

Bij het deelnemen aan MoestuinMix kun je kiezen uit drie niveaus.  

  1. Vereist: Iedereen meet de opbrengst van de tuinbonen door peulen en bonen te tellen (niveau 1). Dit zijn stap 1, 2 en 6 uit de onderstaande tijdlijn. 
  1. Optioneel: Meet naast de opbrengst (1) ook de plaagdruk door bladluizen luizen en natuurlijke vijanden van de luizen te tellen (2). Dit zijn alle stappen, behalve stap 4 uit de tijdlijn. 
  1. Optioneel: Meet naast opbrengst (1), plagen en natuurlijke vijanden (2) ook bestuiving door bestuivende insecten te tellen (3). Dit zijn alle 6 de stappen uit de tijdlijn. 

De tijdlijn van de metingen in het experiment ziet er als volgt uit. De witte bollen zijn de zes stappen. 


Wil je meer weten of heb je vragen? Neem contact met ons op via moestuinmix@wur.nl.  

MoestuinMix is een burgerwetenschapsproject waarin moestuiniers experimenteren met verschillende gewascombinaties.

In samenwerking met

www.avvn.nl

Meer informatie

Wil je meer weten of heb je vragen? Neem contact met ons op via moestuinmix@wur.nl.  

Over MoestuinMix

MoestuinMix is onderdeel van CropMix. Een vijfjarig onderzoeksprogramma naar op ecologie gebaseerde landbouw. Het CropMix-consortium bestaat uit een groot aantal partners en onderzoeksinstellingen.

Wageningen University & Research coördineert CropMix en de experimenten in MoestuinMix.

Voor nieuws en updates, volg CropMix op LinkedIn

Veelgestelde vragen

Wanneer begin ik met het experiment?

Het experiment start zodra je de tuinbonen zaait. Dit moment bepaal je zelf. Voorzaaien kan vanaf half februari.

Wanneer eindigt het experiment?

Het experiment is afgelopen als je de eerste tuinbonen hebt geoogst.

Waar vind ik mijn volgnummer?

Je persoonlijke volgnummer staat op de welkomsbrief die je van ons hebt ontvangen. Dit nummer gebruiken we om de resultaten van verschillende stappen aan elkaar te koppelen.

Wat is het keuzegewas?

Het keuzegewas is het gewas dat je zelf kiest om te combineren met tuinboon. Gebruik je kennis en creativiteit!

Hoe geef ik mijn resultaten door?

Het doorgeven van je resultaten kan digitaal via de verschillende formulieren per stap uit het onderzoek. Binnenkort verschijnen daarvoor op deze pagina online formulieren. Je typt de gegevens zelf over uit je papieren formulieren. Dit stellen wij erg op prijs!

Zodra de formulieren online staan, kun je ze ook direct invullen in je tuin. Hiervoor heb je een telefoon of tablet nodig met internetverbinding.

Ik stuur mijn resultaten liever per post op, kan dat?

Ja, dat kan zonder postzegel naar het volgende antwoordnummer:  

Wageningen University & Research 

T.a.v. Yvonne Florissen, Entomologie 

Antwoordnummer 30 

6700 VB Wageningen 

Denk eraan om je volgnummer in te vullen als je de resultaten per post naar ons terugstuurt

Welke gewassen ga ik testen?

Elke deelnemer test de combinatie tuinboon-pompoen én een combinatie met tuinboon en een gewas naar eigen keuze. Hierin ben je volledig vrij, dus je moet zelf in de zaden voorzien. Je rapporteert aan ons welk gewas je hebt gekozen.

Wat moet ik meten?

Je meet de opbrengst van de tuinbonen door het aantal peulen en bonen te tellen (niveau 1). Als je meer wilt doen, kun je ervoor kiezen om daarnaast ook luizen en natuurlijke vijanden te observeren (niveau 2). Wil je nog meer doen? Tel dan ook nog bestuivende insecten (niveau 3).

Belangrijk is om te noteren op welke datum je gezaaid en geoogst hebt en welke bewerkingen je hebt gedaan, zoals bemesten of onkruid wieden.

Verder geef je diverse achtergrondgegevens aan ons door, zoals de grondsoort van je tuin, welke gewassen er nog meer staan en hoe de omgeving van de tuin eruit ziet. Dit kan namelijk invloed hebben op je resultaten.

Wanneer moet ik de tuinbonen en pompoen zaaien?

Je mag zelf bepalen wanneer je de tuinboon en pompoen zaait. De tuinbonen worden doorgaans vanaf maart gezaaid en de pompoen doorgaans vanaf half mei.

Uit welke stappen bestaat het experiment?

  1. Zaaien tuinbonen en noteren datum (vereist). 
  1. Tellen en meten bonenplanten (vereist). 
  1. Eerste keer tellen van bladluizen en natuurlijke vijanden (optioneel). 
  1. Drie keer herhalen: bestuivers tellen (optioneel). 
  1. Tellen bonen en peulen (vereist). 
  1. Tweede keer tellen van bladluizen en natuurlijke vijanden (optioneel). 

Wanneer moet ik de tuinbonen en pompoen oogsten?

Je mag zelf bepalen wanneer je de tuinboon en pompoen oogst. De tuinbonen worden doorgaans vanaf mei geoogst en de pompoen doorgaans vanaf half augustus.

Waarom meten we de pompoen niet?

In dit experiment kijken we hoe de tuinboon presteert naast verschillende buurgewassen. De pompoen testen we niet met een ander buurgewas, dus hoef je de opbrengst van de pompoen niet te meten.

Mag ik de bladluizen bestrijden en toch meedoen aan niveau 2?

Ja, je kunt bladluizen bestrijden, maar houd de behandeling over de twee groepen tuinbonen (naast pompoen en naast je keuzegewas) gelijk.

Ga je luizen bestrijden en wil je meedoen aan niveau 2 (tellen van luizen en natuurlijke vijanden)? Zorg in dat geval dat je de telling uitvoert vóórdat je bestrijdt. Noteer op het antwoordformulier hoe en wanneer je hebt bestreden.

Het toppen van de tuinbonen zien wij ook als bestrijding van luizen.

Mag ik de tuinbonen toppen?

Sommige mensen knippen de toppen uit de tuinbonen als voorzorgsmaatregel om bladluizen te voorkomen. Dit mag uiteraard, maar houd de behandeling van de twee groepen tuinbonen (naast pompoen en naast je keuzegewas) gelijk.

Wil je meedoen aan niveau 2, het tellen van luizen en natuurlijke vijanden? Zorg dan dat je de telling waar mogelijk uitvoert vóórdat je gaat toppen. Noteer op je antwoordformulier wanneer je hebt getopt.

De tuinboon en pompoen staan het grootste gedeelte van het seizoen niet samen in de tuin. Waarom kiezen jullie voor deze combinatie?

  1. Tuinbonen zijn een vroeg gewas en groot gedeelte van het seizoen staat de tuinboon in zijn eentje in de tuin. Als we de zaaidichtheid aanpassen en ruimte maken om straks ook pompoen te kunnen zaaien krijgt elke tuinbonenplant meer licht. De tuinboon heeft minder concurrentie van zijn soortgenoten. Voor de pompoen geldt juist dat die pas laat geplant of gezaaid wordt en in het begin nog maar heel weinig ruimte in neemt. Als de tuinbonen geoogst zijn, kan de pompoen mooi de ruimte innemen van de tuinenbonen. Bij enkele teelt zou je één bed met tuinbonen hebben en één bed met pompoenen. Door ze in hetzelfde bed te zaaien, kan je twee bedden gebruiken en ook nog eens meer oogsten per plant. In de wetenschap noemen we dit ‘temporele niche differentiatie’ en dit lijkt het grootse voordeel te hebben in gebieden met een gematigd klimaat.
  2. Tuinbonen zijn zogenoemde stikstofbinders door een samenwerking met bodembacteriën. Deze bacteriën leveren de tuinboon stikstof in ruil voor suikers van de tuinboon. Als de tuinboon afsterft, blijven de planten en wortelresten van de bacteriën achter en geven zo de vastgelegde stikstof door aan het volgende gewas, in dit geval de pompoen. Ook is tuinboon heel goed voor het bodemleven. Ze stimuleren gunstige bodemschimmels waarvan de pompoen ook weer kan profiteren. Laat de wortels van de tuinboon en eventueel ook de stengels zitten!
  3. Pompoen en tuinboon zijn beide interessant voor bestuivende insecten. Door ze bij elkaar te telen kunnen de bestuivers over een langere periode van dezelfde plek gebruik maken dit scheelt zoektijd.
  4. Pompoen en tuinboon kunnen beide last hebben van luizen. In gezonde ecosystemen zullen op de luizen ook natuurlijk bestrijders afkomen. Als de pompoen geplant wordt staat er al een legertje van natuurlijke bestrijders klaar om ook de pompoen te beschermen.

Dit zijn allemaal voordelen die mogelijk kunnen optreden. Of het ook echt in de praktijk gebeurt is natuurlijk de vraag die we graag met jullie hulp willen gaan beantwoorden.

Wat is de rol van AVVN?

AVVN samen natuurlijk tuinieren is partner in het consortium van CropMix. We werken samen in het opzetten van MoestuinMix, dat gericht is op moestuiniers.

Wat krijg ik ervoor terug?

Naast dat deelnemen aan het experiment natuurlijk leuk is, krijg je ook inzicht in hoe je tuin het doet. Je ontvangt tussentijdse resultaten en interessante weetjes over gewassen, plagen en biodiversiteit. Daarnaast delen we leuke tips over tuinbonen. Ook niet onbelangrijk: met je deelname lever je een bijdrage aan kennis over duurzame landbouw en help je akkerbouwers in de toekomst met het vergroten van de biodiversiteit op hun akkers. 

Wie zit er achter MoestuinMix?

Onderzoekers van Wageningen University & Research coördineren CropMix, een vijfjarig onderzoeksprogramma, en de experimenten in MoestuinMix. Hierbij werken we samen met AVVN samen natuurlijk tuinieren.

Wat is het doel van het onderzoek?

Ons doel is om meer kennis op te doen over gewasdiversiteit en hoe dit in de praktijk werkt in een moestuin of op een akker. We zoeken specifiek naar gewascombinaties die de teelt bevorderen en de processen die hiervoor zorgen. Deze kennis zou van belang kunnen zijn voor akkerbouwers die aan de slag willen met gewasdiveristeit op hun akkers.

Waarom vragen jullie hulp aan moestuiniers?

Een moestuin is bij uitstek een plek waar de gewasdiversiteit hoog is, maar ook de verschillen tussen tuinen zijn groot. Bijvoorbeeld in de grondsoort, soort omgeving en welke gewassen er geteeld worden. Dat levert interessante data op.

Moestuiniers hebben bovendien vaak veel waardevolle kennis van het combineren van gewassen. Die kennis halen we graag op om te zien welke inzichten van nut kunnen zijn voor akkerbouwers.

Wat gebeurt er met mijn data?

Onderzoekers van CropMix zullen de verzamelde gegevens analyseren om conclusies te kunnen trekken over welke gewascombinaties goed werken, bijvoorbeeld voor een grotere opbrengst, minder plagen en meer biodiversiteit. Waar mogelijk gebruiken we de data voor wetenschappelijke publicaties om de resultaten verder te delen met andere onderzoekers en uiteindelijk met akkerbouwers.

We verwerken de resultaten uit je tuin anoniem en vertrouwelijk. Je deelname aan MoestuinMix is vrijwillig en je kunt je op elk moment terugtrekken zonder opgave van reden.

Zijn de zaden biologisch?

Ja, de zaden die wij verstrekken zijn biologisch. Tuinbonen van De Bolster en pompoen van onze partner Vitalis.

Staat je vraag er niet tussen? Je kunt ons mailen via moestuinmix@wur.nl.  

MoestuinMix is een samenwerking tussen CropMix en AVVN samen natuurlijk tuinieren.

CropMix wordt gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO)

Logo NWO

Privacyverklaring