Optimising crop diversity at different spatial scales
Hoe maken we het landschap diverser? Dit is de centrale vraag in recent gepubliceerd onderzoek door Thijmen van Loon en collega’s.
Schaalniveaus
Het vergroten van de gewasdiversiteit in agrarische landschappen wordt algemeen gezien als een manier om de biodiversiteit te ondersteunen, maar hoe we diversifiëren maakt een verschil. Alles draait hierbij om schaal: De effecten van gewasdiversiteit op de biodiversiteit variëren naargelang de ruimtelijke schaal. Sommige soorten reageren positief op diversiteit op grotere schaal (meer dan 1 km), terwijl andere alleen baat hebben bij diversiteit op kleinere schaal (minder dan 0,5 km).
Manieren van diversificeren
Hoe kunnen we de gewasdiversiteit vergroten? Dit kan ook op verschillende niveaus. Allereerst door het verbouwen van meerdere gewassen op één veld, bijvoorbeeld door middel van strokken, blokken of zelfs pixels. Dit vergroot de gewasdiversiteit het meest op kleinere ruimtelijke schaal. Daarnaast kunnen we nieuwe gewassoorten toevoegen. Dit vergroot de gewasdiversiteit het meest op grotere ruimtelijke schaal. Conclusie: Maximale gewasdiversiteit kan niet op alle ruimtelijke schalen tegelijk worden bereikt — er zijn duidelijke afwegingen (trade-offs) in gewasdiversiteit tussen ruimtelijke schalen.
Methode
Om tot bovenstaande conclusie te kunnen komen hebben de onderzoekers een landschapsoptimalisatiemodel ontwikkeld en toegepast op akkerbouw in de gemeente Lelystad (Flevoland). In dit wiskundige computermodel hebben ze gebruik gemaakt van 8 jaar aan teeltgegevens van bestaande akkerbouwbedrijven.
Lessen
Wat kunnen beleidsmakers hiervan leren? Beleid dat gericht is op het vergroten van de gewasdiversiteit moet expliciet de beoogde ruimtelijke schaal of schalen definiëren. Effectieve strategieën moeten een combinatie van het introduceren van nieuwe gewassen en het vergroten van de ruimtelijke diversiteit binnen velden overwegen.

Landschap Flevoland. Foto: Jack van der Vorst.



