Resultaten MoestuinMix 2025
Eén van de doelen van ons experiment was het benutten van kennis van moestuinders die van waarde kan zijn voor de akkerbouw, met name als het gaat om strokenteelt of andere vormen van gewasdiverse teeltsystemen. We vroegen de deelnemers allemaal een keuzegewas te kiezen om te combineren met tuinbonen en ook waarom jullie voor dit gewas kozen.
Hieronder lees je de voorlopige resultaten van 2025. Om de conclusies nog beter te maken, herhalen we het experiment in 2026.
Top 10 keuzegewassen
Hieronder zie je de top 10 van meest voorkomende keuzegewassen van de deelnemers in 2025. Daarachter lees je de meest voorkomende redenen om dit gewas te combineren met tuinbonen.
- Wortel – Kan tegelijkertijd (vroeg) gezaaid worden met de tuinbonen; tuinboon geeft stikstof en schaduw aan wortel; wortel is een knolgewas, net als rode bieten; de oogst valt iets later dan oogst tuinbonen, waardoor je langer kunt oogsten van hetzelfde stukje grond.
- Diverse soorten kool (zoals bloemkool, broccoli, sluitkolen, paksoi, koolrabi, etc.) – Wortel/knolgewassen passen bij rode biet; kolen profiteren van de stikstof van de tuinbonen; kolen zijn nog vrij klein zolang de tuinbonen groeien en als de tuinbonen geoogst zijn is er voldoende ruimte voor grote kolen.
- Peulen, erwten en kapucijners – Worden net als tuinbonen relatief vroeg in het seizoen geoogst, zodat er daarna ruimte is voor andere gewassen zoals uitdijende pompoen; handig in de wisselteelt want allemaal zelfde plantenfamilie (vlinderbloemigen); vergelijkbare bemestingsbehoefte als tuinboon; kunnen beide tegelijkertijd beschermd worden tegen vogelvraat; hogere cultivars houden tuinbonen uit de wind.
- Uien – Gelijktijdig groeiseizoen met tuinbonen; verjagen mogelijk slakken, luizen en andere plagen; als test om te zien of uien ook natuurlijke vijanden van plagen verjagen.
- Aardappel – Kan de stikstof van de tuinbonen goed benutten; heeft een gelijktijdig groeiseizoen / vergelijkbare oogsttijd als tuinboon; luizen in de tuinbonen trekken natuurlijke vijanden aan die mogelijk ook gunstig zijn voor plagen in aardappelen; ruimtebesparing.
- Sla – Gelijk groeiseizoen met tuinbonen.
- Spinazie – Gelijk groeiseizoen met tuinbonen; resultaten seizoen 2024 wezen op mogelijk positief effect dus wilde een deelnemer het nogmaals testen.
- Snijbiet – Lijkt op rode bieten; profiteert van stikstof van tuinbonen; makkelijk te telen.
- Bloemen (veel Oost-Indische Kers en Goudsbloemen) – Vanggewas/lokplant voor plagen (voornamelijk luizen); aantrekken van bestuivers; staat mooi.
- Kruiden, voornamelijk dille – Verjagen van plagen/luizen; even hoog als tuinbonen.
Naast deze specifieke redenen werd bij vrijwel elk keuzegewas ook genoemd dat het gewas werd gekozen omdat het paste in het wisselteeltschema of de moestuinplanning of dat het gewoon een probeersel was zonder specifieke reden.
Opbrengst
Welke gewassen zijn een goede buur voor tuinbonen? Om daarachter te komen testten de deelnemers allemaal twee combinaties: tuinboon met rode biet en tuinboon met een gewas naar keuze. Vervolgens hebben zij de opbrengst van de tuinbonen aan ons doorgegeven.
Verschilscore
We hebben voor elke tuin het verschil uitgerekend tussen de opbrengst van de bonen naast rode biet en de opbrengst van bonen naast het keuzegewas. Het verschil hiertussen is de ‘verschilscore’. Per keuzegewas zie je deze scores in de onderstaande grafiek. De groene staven laten gewassen zien waarnaast de bonen het beter deden dan naast rode biet en de rode staven laten gewassen zien waarnaast de bonen het slechter deden dan naast rode biet.

Alle gekozen keuzegewassen waarvan we ook oogstgegevens hebben ontvangen staan in de grafiek. Dit betekent wel dat sommige scores gebaseerd zijn op slechts één of enkele tuinen. Hoe vaak het gewas voorkwam, wordt per gewas aangegeven door middel van de kleine cijfertjes onder de staven in de grafiek. Over het algemeen geldt: hoe lager het getal, hoe onzekerder de uitkomst omdat er te weinig tuinen waren met dat keuzegewas.
Statistische analyse
Wanneer het keuzegewas minimaal 5 keer voorkwam, hebben we een statistische analyse uitgevoerd om te zien welke effecten we kunnen bewijzen. Uit deze toets blijkt dat er 9 gewassen zijn waarnaast de bonen een significant1 betere of slechtere opbrengst geven (aantal peulen) dan de bonen naast de rode bieten. De 9 gevonden significante verschillen zijn gemarkeerd met een * in de grafiek.
Voetnoot: 1) Significant zou je kunnen lezen als ‘betekenisvol’, maar betekent in de statistiek dat we voor 95% zeker weten dat een effect bestaat en dat dit dus geen toeval is.
Goede en slechte buren
Prei lijkt een significant betere buur voor tuinbonen dan rode biet – resulterend in hogere bonenopbrengst – terwijl peulgewassen, wortel, aardappel, knoflook, courgette, bonen, kruiden en bloemen juist een significant slechtere buur zijn voor tuinbonen vergeleken met rode biet.
Opvallend is dat er meer buurgewassen zijn die een slechtere opbrengst van tuinbonen opleveren dan gewassen die een betere opbrengst opleveren van de tuinbonen. Prei is dit jaar het enige gewas dat significant positief scoorde, terwijl peulgewassen (peultjes, doperwten, capucijners), wortel, aardappel, courgette, bonen (stokbonen, snijbonen), kruiden en bloemen slechter scoorden dan rode bieten als buurgewas voor tuinbonen. Het is kennelijk moeilijk om de combinatie rode biet-tuinboon te overtreffen. Bietjes lijken dus zo slecht nog niet als buur voor tuinbonen!
Vergelijking met 2024
Ook opvallend is dat goede buren van vorig jaar (selderij, spinazie en peulgewassen) dit jaar niet zo goed scoren of, in het geval van peulgewassen, zelfs significant slechter dan de combinatie tuinboon-rode biet. Relatief slechtere buren van vorig jaar (bloemen, bonen, uien, wortelen en mais) scoren dit jaar wederom niet goed. Waar courgette vorig jaar nog het beste buurgewas was (hoewel niet significant) is het dit jaar significant slechter dan rode bieten.
De resultaten laten daarnaast zien dat voldoende gegevens belangrijk zijn om betrouwbare conclusies te kunnen trekken. Daarbij moet worden opgemerkt dat alle combinaties vorig jaar werden vergeleken met tuinboon-pompoen, niet met tuinboon-rode biet.
Wil je meer weten over de resultaten van het eerste jaar? Lees hier de resultaten van 2024.
Bestuivers, luizen en natuurlijke vijanden
Om te beoordelen welke gewassen goede en slechte buren zijn voor tuinbonen hebben we eerder al de resultaten met jullie gedeeld over opbrengst (zie de resultatenpagina op de website). We hebben echter niet alleen de opbrengst van de tuinbonen onderzocht, maar ook gekeken naar bestuivers, luizen en natuurlijke vijanden daarvan. Wat is daaruit gekomen? Je leest het hieronder.

Foto: Hans Smid.
Voor alle metingen hebben we steeds gekeken naar het verschil tussen de tuinbonen naast het keuzegewas en de tuinbonen naast de rode bieten in dezelfde tuin. We bekeken hoeveel meer/minder bestuivers en natuurlijke vijanden er te vinden waren of hoeveel hoger/lager de luizenscore uitviel.
Toeval of niet?
Ook hier geldt dat dit verschil op zich nog niet het hele verhaal vertelt. Als we conclusies willen trekken over hoe goed of slecht een bepaald keuzegewas is als buur voor tuinbonen, is het belangrijk dat een keuzegewas door meerdere mensen is getest. Hoe meer, hoe beter. Dan pas kunnen we met meer zekerheid zeggen dat de resultaten geen toevalstreffer zijn. In de onderstaande grafieken geeft het getal boven het keuzegewas aan hoeveel deelnemers dit gewas hebben getest én gegevens over het onderwerp hebben doorgegeven.
Met statistische toetsen kunnen we berekenen of een gevonden resultaat toeval is of dat er daadwerkelijk verschil is. De keuzegewassen waarbij het waarschijnlijk is dat de tuinbonen die ernaast stonden écht beter of slechter hebben gepresteerd dan naast de rode bieten, zijn in de grafieken aangegeven met een sterretje (*). Dit hebben we gedaan voor alle keuzegewassen die door minimaal vijf deelnemers getest zijn. Voor de volledigheid staan in elke grafiek alle keuzegewassen die zijn getest, ook de keuzegewassen die maar één keer voorkwamen.
Bestuivers
De onderstaande grafiek laat een verschilscore zien, oftewel hoeveel bestuivers er in totaal meer of minder geteld werden bij de tuinbonen naast de verschillende keuzegewassen dan naast de rode bieten. In groen vind je de keuzegewassen waar de tuinbonen meer bezoek kregen van bestuivers dan de tuinbonen naast de rode bieten. In geel zie je de keuzegewassen waarnaast de tuinbonen minder bezocht werden door bestuivers dan de tuinbonen naast de rode bieten.

Bietjes als buur is zo slecht nog niet
Zo zie je dat de meeste tuinbonen naast keuzegewassen minder bestuivers aantrokken dan tuinbonen naast rode bieten. De uitzonderingen hierop zijn de keuzegewassen courgette, bonen, selderij en wortel. De tuinbonen naast deze keuzegewassen lijken iets meer bestuivers aan te trekken dan tuinbonen naast de rode bieten. Door het kleine aantal deelnemers dat over deze keuzegewassen tellingen van bestuivers heeft doorgegeven, is helaas niet te controleren of dit toevalstreffers zijn.
Dankzij de statistische analyse van alle keuzegewassen in vergelijking met rode bieten, kunnen we wel voorzichtig concluderen dat rode bieten een betere buur zijn naast tuinbonen om bestuivers aan te trekken dan de geteste keuzegewassen.
Bladluizen
Om te beoordelen hoeveel last de tuinbonen hadden van luizen gebruikten we een score van 0 tot 5. Daarbij betekent 0 ‘geen luizen’ en bij score 5 zat meer dan de helft van de plant onder de luizen. Voor elke tuin is vergeleken of de score van de tuinbonen naast het keuzegewas hoger of lager uitviel dan de score voor de tuinbonen naast de rode bieten. In dit geval zijn hogere scores dus slechter, want die wijzen op meer luizen in de tuinbonen naast het keuzegewas. De keuzegewassen waarnaast tuinbonen meer last hadden van luizen zijn in de onderstaande grafiek weergegeven in geel. In groen zie je de keuzegewassen waarnaast de tuinbonen gemiddeld minder last hadden van luizen. Zo zie je dat de tuinbonen naast bijvoorbeeld prei minder luizen hadden dan naast rode biet, maar dat tuinbonen naast pastinaak juist meer last hadden van luizen dan naast rode biet.

Vergelijking met 2024
In 2024 waren rode bieten populair als keuzegewas naast tuinbonen in vergelijking met pompoen. In de tuinbonen naast rode bieten werden minder luizen waargenomen dan in tuinbonen naast pompoen. Ook dit jaar lijken rode bieten een betere buur dan pompoenen. De tuinbonen naast pompoen hadden gemiddeld meer last van luizen dan naast rode biet. Door het kleine aantal deelnemers dat resultaten voor pompoen heeft doorgegeven, kunnen we dit nog niet statistisch onderbouwen. Het is echter waardevol om te zien dat de gemiddelde effecten in beide jaren dezelfde richting op wijzen.

Bestrijding van luizen
Ondanks dat de overlast van plagen meeviel in 2025 – gelukkig geen slakken zoals in 2024 – zijn er flink wat deelnemers die actief luizen hebben bestreden. In de grafiek hieronder zie je de populairste manieren om dit te doen. De meest gekozen methodes om luizen te bestrijden zijn een oplossing van groene zeep in water, meestal in combinatie met een scheutje spiritus, op de planten spuiten, of gewoonweg met de tuinslang proberen om de luizen van de plant af te spuiten. Het toppen van de tuinbonen werd ook veel toegepast. Enkele deelnemers besloten om de natuurlijke vijanden te ondersteunen door zelf larven van lieveheersbeestjes op de tuinbonen vrij te laten en daarmee de luizenplaag te onderdrukken.
Natuurlijke vijanden
Met de komst van luizen komen ook de natuurlijke vijanden zoals lieveheersbeestjes op de tuinbonen af. Daarom hebben we ook gekeken naar het aantal natuurlijke vijanden van luizen op de tuinbonen. Wederom hebben we voor elk keuzegewas het verschil berekend tussen het totaal aantal natuurlijke vijanden naast het keuzegewas en naast rode biet. In de onderstaande grafiek zie je in groen de tuinbonen naast keuzegewassen waar meer natuurlijke vijanden werden geteld dan naast de rode biet en in geel de gewassen waar minder natuurlijke vijanden zijn geteld dan naast de rode biet.

Net als bij de bestuivers lijken de rode bieten een betere buur voor tuinbonen dan de meeste keuzegewassen. We hebben hierbij zelfs statistisch kunnen aantonen dat de tuinbonen naast rode bieten meer natuurlijke vijanden aantrekken dan tuinbonen naast de andere gewassen samen. Voor aardappel is het zelfs zo dat we hebben kunnen aantonen dat tuinbonen hiernaast minder natuurlijke vijanden aantrokken dan naast rode bieten.
Daartegenover staat dat we voor snijbiet konden bewijzen dat tuinbonen naast dit gewas meer natuurlijke vijanden aantrekt dan naast rode biet. Dit is behoorlijk verrassend gezien rode biet en snijbiet zeer nauw verwante gewassen zijn en tot dezelfde plantensoort behoren.
Vergelijking seizoen 2024 en 2025
Omdat we MoestuinMix voor het tweede seizoen hebben gedaan, kunnen we nu ook een vergelijking maken tussen 2024 en 2025. In 2024 was pompoen het standaard combinatiegewas naast tuinboon, maar waren bietjes het meest populair als keuzegewas. Daarom hebben we afgelopen jaar gekozen om bietjes als standaardgewas te nemen.
In tegenstelling tot het natte 2024, waarbij bij veel deelnemers de oogst mislukte door de vele slakken, was 2025 een gemiddeld tot goed jaar. In de grafiek hieronder is te zien wat de ervaring was van deelnemers. Het merendeel van de deelnemers had gelukkig weinig last van plagen of ziekten. Het was wel een relatief warm en droog jaar, waardoor de meeste deelnemers (89%) water moesten geven aan hun gewassen. Gelukkig lukte het de meeste deelnemers daarmee om een goede opbrengst van hun tuinbonen te krijgen.


MoestuinMix is een burgerwetenschapsproject waarin moestuiniers experimenteren met verschillende gewascombinaties.
In samenwerking met

Meer informatie
Wil je meer weten of heb je vragen? Neem contact met ons op via moestuinmix@wur.nl.
Voor nieuws en updates, volg CropMix op LinkedIn
Veelgestelde vragen
Ik heb meegedaan in 2024 of 2025. Kan ik komend jaar (weer) meedoen?
Dat kan zeker! In 2026 herhalen we het experiment. Iedereen kan meedoen, ook mensen die in 2024 of 2025 nog niet mee hebben gedaan. De inschrijving voor 2026 is geopend!
Wie zit er achter MoestuinMix?
Onderzoekers van Wageningen University & Research coördineren CropMix, een vijfjarig onderzoeksprogramma, en de experimenten in MoestuinMix. Hierbij werken we samen met AVVN samen natuurlijk tuinieren.
Waarom vragen jullie hulp aan moestuiniers?
Een moestuin is bij uitstek een plek waar de gewasdiversiteit hoog is, maar ook de verschillen tussen tuinen zijn groot. Bijvoorbeeld in de grondsoort, soort omgeving en welke gewassen er geteeld worden. Dat levert interessante data op.
Moestuiniers hebben bovendien vaak veel waardevolle kennis van het combineren van gewassen. Die kennis halen we graag op om te zien welke inzichten van nut kunnen zijn voor akkerbouwers.
Wat is het doel van het onderzoek?
Ons doel is om meer kennis op te doen over gewasdiversiteit en hoe dit in de praktijk werkt in een moestuin of op een akker. We zoeken specifiek naar gewascombinaties die de teelt bevorderen en de processen die hiervoor zorgen. Deze kennis zou van belang kunnen zijn voor akkerbouwers die aan de slag willen met gewasdiveristeit op hun akkers.
Wat is de rol van AVVN?
AVVN samen natuurlijk tuinieren is partner in het consortium van CropMix. We werken samen in het opzetten van MoestuinMix, dat gericht is op moestuiniers.
Staat je vraag er niet tussen? Je kunt ons mailen via moestuinmix@wur.nl.
MoestuinMix is een samenwerking tussen CropMix en AVVN samen natuurlijk tuinieren.


